HOE RICHT IK EEN PAARD RECHT
Zodra ik weet welk type paard ik rijd wordt er begonnen aan het rechtrichten. Als voorbeeld neem ik een rechtsgebogen paard. Een rechtsgebogen paard begin ik op de rechterhand te rijden, om de korte spieren van de rechterkant eerst lang te maken.
Dit gebeurt op de volgende manier:
Ik rijd een rechte lijn op 5 meter van de hoefslag. Hierbij laat ik het paard naar buiten kijken. Door deze contrastelling wil het paard naar links richting hoefslag. Om dit te voorkomen breng ik mijn gewichtshulpen naar rechts, totdat het paard rechtdoor loopt. Het zadel zal hierdoor midden op de rug van het paard komen te liggen en de korte spieren worden langer gemaakt. Dit geeft het paard de kans om de rug te ontspannen.
Zolang de ruiter niet midden op het paard zit, is het voor het paard niet mogelijk om te ontspannen. Vrij snel zal ik de contrastelling mogen verminderen aangezien de rechtse spieren langer worden.
Wanneer het rechtsgebogen paard zich op de rechterhand ontspant en de ruiter toelaat in het midden van de rug te zitten, is geen contrastelling meer nodig en kan men veranderen van hand. Op de linkerhand rijden we nu op de volte. Belangrijk is dat de volte perfect rond wordt gereden in de juiste stelling en buiging, om het op de schouder vallen te voorkomen. Enkel als het paard de cirkel verkleint, wordt contrastelling gevraagd om de cirkel weer te vergroten. Daarna wordt opnieuw de juiste stelling aangenomen.
Stelling links of stelling rechts kan een verschil in belasting van de schouder uitmaken van ongeveer 100kg. Dit betekent dat, als er te veel gewicht op de binnenschouder komt, een kortstondige contrastelling het probleem kan oplossen.
Zou het rechtsgebogen paard op de volte links de kans krijgen naar buiten te kijken zou hij direct op de binnenschouder vallen. Het gevolg daarvan zou zijn dat er meer spanning op de binnenteugel komt en het ruitergewicht naar buiten wordt gedwongen. Hierin ligt de grootste oorzaak om een kreupel paard te krijgen.
Mijn werkwijze heeft mij toegelaten in mijn hele loopbaan geen enkel kreupel paard gehad te hebben. Heden kan ik er dagelijks paarden terug ‘zuiver’ mee maken. Met mijn methode kan ik aantonen dat de verkeerde gewichtshulpen van de ruiter aan de basis liggen van de relatie tussen de natuurlijke buiging van de rug en de kreupelheid van het paard!